Persbericht: lage aangiftes voor transfoob geweld

Vandaag werden de resultaten van de eerste kwantitatieve bevraging naar de geweldervaringen van transgender personen in België gepresenteerd. De studie gaf eerder al aan dat haast 8 op 10 transgender respondenten geweld meemaakten.

LGBTDe nieuwe gegevens die vandaag, 20 mei 2015, werden gepresenteerd op een studiedag aan de Universiteit van Antwerpen, gaven meer informatie over de daders van transfoob geweld, en over de uitzonderlijk lage aangifte bereidheid door transgender personen.

Joz Motmans: “De 260 respondenten werden gevraagd om hun ergste geweldervaring te beschrijven. Op deze wijze kregen we zicht op wat mensen als erg ervaren, alsook gedetailleerde info over de context waarin dit ergste voorval plaatsvond, over het daderprofiel en over het meldingsgedrag. We analyseerden 278 gedetailleerde beschrijvingen van transfoob geweld. Hieruit bleek dat transfoob geweld vaak gebeurt op plaatsen waar een persoon zich eigenlijk veilig zou mogen voelen: thuis in de het eigen gezin, op het werk of op school, en in de eigen buurt. Fysiek en seksueel geweld komen ook vaak voor in het uitgaansleven of horeca, of op een openbare plek zoals op straat.”

Daderprofiel is genuanceerd en zijn vaak West-Europese mannen ouder dan 20 jaar

De uitlokkende factor voor het transfoob geweld was meestal de vaststelling van de transgender achtergrond of identiteit, en/of het uiterlijk. Voor seksueel en materieel geweld was er vaak ook geen bijzondere aanleiding. Meestal zijn er meerdere daders betrokken bij het ergste voorval, en in de overgrote meerderheid van de gevallen gaat het om West-Europese mannen ouder dan 20 jaar, en is dit vaak een bekende van het slachtoffer. Joz Motmans: “Met als uitzondering het daderprofiel voor wat seksueel geweld betreft: hierbij is er in de meeste gevallen sprake van slechts één onbekende dader, en is de helft van West-Europese afkomst en ruim 30% van Noord-Afrikaanse afkomst. Met de nuancering dat dit natuurlijk over een subjectieve inschatting van het slachtoffer gaat.”

Zeer lage meldingsbereidheid

Transgender personen doen uitzonderlijk weinig aangifte bij de politie. Motmans: “Slechts 6% van de slachtoffers van verbaal of psychisch geweld deed melding van het voorval, en hetzelfde geldt voor seksueel geweld. Voor fysiek geweld en materieel geld ligt dit hoger, en doet 1 op 5 aangifte. Diegene die aangifte deden zijn echter meestal niet erg tevreden over de aanpak van de politie.” De reden voor de lage aangiftebereidheid is te zoeken in twee grote factoren: enerzijds de minimalisering van hetgeen gebeurde door het slachtoffer (“het voorval is niet ernstig genoeg”) en anderzijds een lage graad van vertrouwen dat de politie en gerecht iets kunnen betekenen voor het slachtoffer (“de politie is toch niet in staat om iets te doen” of “de dader zal toch niet gepakt of gestraft worden”). “De overheid zou hier een belangrijke signaal kunnen geven door misdrijven met transfobie als haatmotief enerzijds duidelijk te registreren (wat nu niet gebeurt) en tevens de strafverzwaring voor transfobie door te voeren zoals eerder reeds gebeurde voor homofobie”, aldus de onderzoeker.

Mentale weerslag is groot

Het minimaliseren en verzwijgen is volgens Motmans een groot probleem voor de mentale gezondheid: “Niet alleen stappen uitzonderlijke weinig trans personen naar de politie of een andere bevoegde instanties, haast 1 op 5 spreekt er verder ook met niemand over. Men wil geen bijkomende vernedering of denkt dat anderen niet kunnen helpen of niet meelevend zouden zijn. Niettemin geeft haast 4 op 5 aan dat het voorval een emotionele impact had en 4 op 10 gaat bewust bepaalde plaatsen of personen vermijden. Voor 1 à 2 op tien personen zorgde het voorval er voor dat men zijn innerlijke genderbeleving niet meer durfde uiten uit angst voor reacties.” De mentale weerslag na een geweldervaring is groot, zeker als het geweld werd uitgelokt door een hoogst persoonlijk identiteitskenmerk. “Dat de zelfmoordgedachten en –pogingen onder de transgender populatie erg hoog ligt, wisten we al uit eerder onderzoek. Deze studie bevestigt deze cijfers en vond dat  1 op 3 een zelfmoordpoging ondernam. Bovendien blijkt er een erg duidelijke verhoogd risico op suïcidaliteit na een geweldervaring. Niet verwonderlijk misschien, maar het toont nogmaals de invloed van maatschappelijke acceptatie op mentaal welzijn aan, en maakt duidelijk waarom een transbeleid noodzakelijk is.”

Meer informatie:

Motmans, J., Meier, P., & T’Sjoen, G. (2014). Geweldervaringen van transgender personen in België. Antwerpen: Steunpunt Gelijkekansenbeleid. Download in pdf

Perscontact: joz.motmans@uantwerpen.be, 0470/224 108

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers like this: