Homofoob geweld in cijfers

Resultaten van de online bevraging in Vlaanderen

Homofoob_geweld_enquete_badman_2013Negen op de tien holebi’s is ooit in aanraking gekomen met verbaal of psychisch geweld, drie op de tien met fysiek geweld en één op vijf met materieel geweld. De gevolgen voor het slachtoffer zijn een slechtere zelfwaardering, een meer negatieve mentale gezondheid en meer zelfmoordgedachten. Dit blijkt uit de grootschalige online bevraging die binnen het kader van het Steunpunt Gelijkekansenbeleid werd verricht door de vakgroep Sociologie van UGent.

De cijfers over homofoob geweld in Vlaanderen omvatten een heel breed spectrum aan ervaringen, gaande van ongepaste nieuwsgierigheid tot een wurgings- of verstikkingspoging meemaken. Globaal genomen zijn negen op tien van de deelnemers ooit in aanraking gekomen met één of meerdere vormen van homofoob geweld. Het gaat om een niet-representatieve steekproef, dus de cijfers moeten met enige voorzichtigheid geïnterpreteerd worden en kunnen niet zomaar veralgemeend kunnen worden naar álle holebi’s in Vlaanderen.

Aan de hand van bevraging van de slachtoffers werd een daderprofiel opgesteld. In 40% van alle ergste incidenten ging het om een dader die alleen handelde. In meer dan de helft van de gevallen werd men dus geconfronteerd met twee of meer daders. Deze daders waren overwegend mannen. Zowel wanneer het ging over verbaal geweld, fysiek geweld, materieel geweld, als over seksueel geweld, kende men voornamelijk een Belgische achtergrond toe aan de daders.

In de helft van alle gerapporteerde incidenten zijn dader en slachtoffer bekenden voor elkaar. Voor verbaal en seksueel geweld zijn de daders vaker bekenden dan voor wat fysiek en materieel geweld betreft; dader en slachtoffer zijn dan vaker onbekenden van elkaar. Deze bekende daders zijn het vaakst medestudenten, kennissen of vrienden. Dit sluit aan bij de bevinding dat homofoob geweld zich vaak voordoet in de context van de schoolomgeving.

Homofoob_geweld_enquete_catwoman_2013

Dergelijke ervaringen met homofoob geweld hebben een impact op het mentale welbevinden van de slachtoffers. Degenen die ooit in aanraking gekomen zijn met homofoob geweld, rapporteren een slechtere zelfwaardering, een meer negatieve mentale gezondheid, en meer zelfmoordgedachten dan degenen die nooit in aanraking gekomen zijn met geweld. Bovendien voelen zij zich significant vaker onveilig op straat of in andere openbare ruimten.

Daarbij komt dat bijna 15% van de deelnemende holebi’s aangaf niemand op de hoogte gebracht te hebben van het hetgeen hem of haar overkomen was. Deze personen zijn niet geneigd om anderen op de hoogte te brengen omdat zij het incident te onbelangrijk vinden om te vertellen, omdat zij vrezen dat de situatie nog erger zou worden, of omdat men bijkomende vernedering wenst te vermijden. Toch blijkt dat degenen die minstens één persoon uit hun sociale netwerk inlichten, ook een betere mentale gezondheid en een betere zelfwaardering rapporteren.

Download hier de volledige publicaties, deel I en deel II

cover_rapport_lies_Icover_rapport_lies_IID’haese, L., Dewaele, A., & Van Houtte, M. (2013). Geweld tegenover holebi’s – I. Verkennende studie over de beleving, de omstandigheden en de uitkomsten van holebigeweld in Vlaanderen. Antwerpen: Steunpunt Gelijkekansenbeleid.

D’haese, L., Dewaele, A., & Van Houtte, M. (2014). Geweld tegenover holebi’s – II. Een online survey over ervaringen met holebigeweld in Vlaanderen en de nasleep ervan. Antwerpen: Steunpunt Gelijkekansenbeleid.

Meer informatie?

Lies.dHaese@ugent.be (tel. 09/264 91 90)

 

Lees ook de resultaten van de etnografische case-study in Brussel
“De context van homofoob geweld in de publieke ruimte”

Reacties zijn gesloten.